Charlie

Leve Charlie Hebdo, parel in de kroon van het antiracisme

DOOR CARL STELLWEG

Charlie Hebdo is niet alleen solidariteitsbetuigingen ten deel gevallen na de terroristische aanslagen van 7 januari 2015, die aan 12 mensen het leven kostten. Het blad kwam ook onder vuur te liggen omdat het racistisch en islamofoob zou zijn.

Klopt dat? Nee. Charlie Hebdo is een parel in de kroon van het antiracisme. Maar belangrijker nog is het besef dat het hier om veel meer gaat dan om de vrijheid van meningsuiting. Het gaat om het afweren van extreem rechts: aan Europese én aan islamitische zijde.

‘Alweer een westerse journalist? Bij Allah, we worden gestalkt. Kom binnen!’ De bebaarde heer op sokken en in pak met stropdas begroet mij verrassend hartelijk wanneer ik mij in februari 2008 aan de poort meld van de meest extremistische moskee in de Pakistaanse hoofdstad Islamabad.

De media hadden in die dagen zeker reden aandacht te besteden aan de zogeheten Rode Moskee. Zeven maanden eerder had het Pakistaanse leger het instituut bestormd, en daarbij waren officieel 154 maar volgens onbevestigde berichten 300 mensen omgekomen.

De voorgeschiedenis: bewoners van het aangrenzende seminarie, veelal aanhangers van de taliban en al-Qaeda, hadden de buurt geterroriseerd, videotheken aangevallen, een vrouw ontvoerd die ze van prostitutie verdachten, en zelfs vier politieagenten gegijzeld.

De toenmalige president Musharraf liet de zaak eerst op zijn beloop en greep toen met brute kracht in. Internationale protesten waren schaars, want Musharraf stond er in het Westen goed op, hij was immers een bondgenoot in de zogeheten oorlog tegen terreur.

Lal masjid

De geblakerde gevel van de Rode Moskee in Islamabad, na de bestorming door Pakistaanse troepen.

Ik wil horen hoe overlevende moskeebeheerders terugkijken op de confrontatie met het Pakistaanse gezag, want dat heb ik nog nergens gelezen. De bebaarde heer leidt mij een vertrekje binnen waar jongemannen in traditionele kledij rond een plastic zeil met thee en koekjes gehurkt zitten, en ik mag tussen hen in plaats nemen en toetasten. Het is een vredig, informeel tafereeltje, dat een persconferentie heet te zijn, maar ik ben de enige journalist die komt opdagen.

‘We worden gestalkt’ was kennelijk ironisch bedoeld.

Dus voor wie het nog niet wist: moslims, zelfs radicale moslims, zijn in staat tot ironie. En kunnen derhalve ook begrijpen dat satire niet altijd letterlijk moet worden opgevat.

De jongemannen zijn aanhangers van de taliban, of misschien wel zelf taliban, maar komen op mij niet over als fanatici. Ze voelen zich onbegrepen. Door de Pakistaanse overheid, maar ook door het Westen.

De geringe beroering die het optreden van het Pakistaanse bewind wereldwijd heeft gewekt is ze in het verkeerde keelgat geschoten. ‘Over ons en over wat wij hebben gedaan mag je vinden wat je wilt,’ zegt een van hen in vloeiend Engels, ‘maar was een dergelijke gewelddadige bestorming, met zo veel doden, nou echt een passend antwoord?’

Ze willen een internationaal onderzoek. Ze willen worden gehoord, door de EU en door de VN. Al hun eisen klinken redelijk. Nodeloos te vermelden dat die niet zullen worden ingewilligd. Het zijn namelijk terroristen, ‘daar praat je niet mee’, en Musharraf is een bondgenoot van het Westen in de zogeheten oorlog tegen terreur.

Voordat ik weer opstap breng ik, ach ja, ene Geert Wilders nog even ter sprake. Ik doe het met frisse tegenzin, ik vind het veel te veel eer, maar de grote landelijke krant waarvoor ik dan nog werk heeft een grote voorliefde voor de ‘Nederlandse invalshoek’, dus ik verman me.

Ik vertel ze over de film Fitna, die Wilders op het punt staat uit te brengen. Een film waarin de islam als een duivels geloof en de Koran als een verderfelijk boek worden afgeschilderd.

Voor wie het nog niet wist: moslims, zelfs radicale moslims, zijn in staat tot ironie. En kunnen derhalve ook begrijpen dat satire niet altijd letterlijk moet worden opgevat.

Of ze ooit van het peroxide politieke wonder uit boven-Limbabwe hebben gehoord blijft onduidelijk. Hoe het ook zij: hun reactie is opmerkelijk lauw, haast ongeïnteresseerd. Geen roep om jihad of om dood aan de ongelovigen, maar een geamuseerde, wat vermoeide glimlach. Weer zo’n lul, zie je ze denken, maar ze blijven correct.

‘Wie is hier extremistisch?’ antwoordt een jongeman met een rood gehaakt kalotje ten slotte. ‘Een geloofsgemeenschap van anderhalf miljard mensen waarvan een hele kleine minderheid geweld gebruikt, of een Nederlandse meneer die deze hele gemeenschap over één kam scheert? En wie is hier onverdraagzaam? In de hele geschiedenis van de islam heeft niet één geestelijke een werk speciaal gewijd aan de verkettering van een ander geloof, dat bezweer ik je. Waarom ik moet glimlachen? Omdat mijn geloof mij voorschrijft beleefd te blijven. En dat doe ik dus. Ik wel.’

Tot zover die gekke Hollander met z’n achterlijke Koranfilm. We nemen hartelijk afscheid.

Enkele dagen eerder heb ik gesproken met Hamid Gul. Deze generaal buiten dienst, ooit hoofd van de buitengewoon sinistere Pakistaanse inlichtingendienst ISI (‘Inter Services Intelligence’), heeft een fascinerende reputatie: ‘gevaarlijkste man van Pakistan’; ‘vader van de taliban’; ‘banden met al-Qaeda en met Lashkar-e Taiba (de Pakistaanse groepering waarvan een handvol leden tussen 26 en 29 november 2008 in de Indiase stad Mumbay een bloedbad aanrichtte met zeker 174 doden); en tenslotte: geestelijke vader van het Pakistaanse beleid om moslimextremistische groeperingen in te zetten tegen het gehate India – en om in een ander buurland, Afghanistan, de taliban te gebruiken als afstandsbediening.

Gul (inmiddels overleden) zou een spin in het web zijn van al deze machinaties die kernmacht Pakistan het predicaat ‘gevaarlijkste land ter wereld’ hebben bezorgd. Geen wonder dat hij persona non grata is in de VS en de EU. Neemt niet weg dat hij ooit, toen de Sovjet-Unie Afghanistan bezette, nauw samenwerkte met de CIA. Those were the days en het kan verkeren.

Gul

Hamid Gul

De generaal ontvangt mij in zijn villa in de bazar- en garniezoenstad Rawalpindi. Hij gaat gekleed als een ouderwetse Britse gentleman, spreekt vloeiend Engels, en is ook al – ik kan het niet helpen – de hartelijkheid zelve.

Hij maakt geen geheim van zijn grote bewondering voor de taliban – al erkent hij dat er wel wat te verbeteren valt aan hun gebruiken, zeker waar het de behandeling van vrouwen betreft.

Hij betoogt dat de Koran volstrekt verenigbaar is met achtereenvolgens: 1) de idealen van Vrijheid, gelijkheid en broederschap, 2) de scheiding der machten van Montesquieu en 3) het handvest van de Verenigde Naties. Wanneer ik hem vraag of hij de islam ziet als een gespiritualiseerde vorm van het marxisme, veert hij bijna juichend op.

Ik vertrouw hem niet, maar vermaak me kostelijk. Welke extreme opvattingen hij ook mag koesteren, het staat buiten kijf dat de generaal een zeer intelligent en ontwikkeld persoon is. Zijn IQ is, denk ik, ongeveer drie keer zo hoog als dat van een presentator of commentator van Fox News, om wat te noemen. En dat is nog een conservatieve schatting.

Maar goed, de Nederlandse invalshoek. Laten we die niet vergeten. Daar kom ik weer aanzetten met Wilders en z’n Fitna-filmpje, als een onvermoeibare handelsreiziger. Wel eens van Wilders en z’n Fitna-filmpje gehoord, meneer Gul?

Hij knikt afwezig. Ik vraag hem of hij Wilders iets heeft te zeggen, en verwacht – nee, hoop – dat de gevaarlijkste man van het gevaarlijkste land ter wereld nu eindelijk eens zijn tanden laat zien, en een reeks woedende dreigementen uitspuwt.

Niks, hoor. Guls reactie is volkomen anders. Heel kalm, een beetje onthecht, haast verzoenend, zegt hij: ‘Ik zou hem willen aanraden alsnog af te zien van zijn project. Het zal leiden tot nog meer gekrakeel, tot nog diepere tegenstellingen en verder niets. Met een godsdienst die vijftien eeuwen cultuurgeschiedenis omspant, valt niet in een film van vijftien minuten af te rekenen, wat je verder ook van die godsdienst vindt. Dat is volkomen zinloos en irrelevant.’

Hij heeft gelijk, besef ik onmiddellijk. Dan zegt hij nog iets: ‘Als deze politicus stelt dat er in veel islamitische landen grote misstanden bestaan, moet ik dat beamen. De oplossing is echter niet mínder, maar méér islam. Zoals de oplossing voor problemen in democratieën, niet mínder, maar méér democratie is. Overigens zijn christenen mij even lief als moslims. Als uw politicus een goed christen wil zijn, roep ik hem op de andere wang toe te keren.’ Waarop een gulle lach volgt.

Wanneer ik hem vraag of hij de islam ziet als een gespiritualiseerde vorm van het marxisme, veert hij bijna juichend op

Wat valt er uit deze twee ontmoetingen te destilleren, met name in het licht van de gebeurtenissen rond Charlie Hebdo?

In de eerste plaats dit: zelfs moslims van de meest radicale soort grijpen niet onmiddellijk schuimbekkend naar hun kromzwaard wanneer anderen hun geloof op de korrel nemen. Zo belangrijk zijn die ‘anderen’ kennelijk ook weer niet.

Ten tweede is daar de boodschap dat de islamitische wereld toleranter is jegens de christelijk/seculiere wereld dan andersom. Ofwel: waarom maken jullie ons belachelijk, dat doen wij toch ook niet bij jullie?

Klopt dat laatste? Wel, ik heb veel islamitische theologen felle kritiek horen uiten op het christendom. Met name het concept van de heilige drie-eenheid moest het vaak ontgelden. Dat zou namelijk het bewijs zijn dat het christendom geen zuiver monotheïsme belichaamt. Maar spotprenten van Christus aan het kruis, zoals in Charlie Hebdo, heb ik in islamitische landen inderdaad niet aangetroffen.

Of dit getuigt van tolerantie is zeer de vraag. Wie Jezus Christus, ofwel Isa ibn Marayam, beledigt, beledigt namelijk niet alleen het christendom, maar ook een van de belangrijkste profeten van de islam. Daarentegen staat het christenen vrij Mohammed belachelijk te maken, want Mohammed betekent voor het christendom niets.

De islam ontstond later dan het christendom en dus kunnen moslims ten aanzien van het christendom een zekere tolerantie opbrengen, omdat ze het zien als een voorstadium van de islam. Een dergelijke tolerantie jegens de islam bestaat in het christendom in historische zin niet omdat christenen de islam door de eeuwen heen juist als een schadelijk derivaat van hun eigen geloof hebben beschouwd.

Dit betekent, nogmaals, niet dat de islamitische wereld verdraagzamer is. Neem afsplitsingen van de islam, zoals het bahai-geloof en de druzische leer, die na de islam zijn ontstaan en de islam dus juist als een voorstadium van hun religie zien: aanhangers daarvan worden in islamitische landen met veel grotere onbarmhartigheid bejegend dan moslims in overwegend christelijke, seculiere samenlevingen; de golf van verwerpelijke islamofobie die op dit moment over Europa spoelt doet daar niets aan af. In Iran, bijvoorbeeld, staan bahai bloot aan een vervolging die sterk doet denken aan het oude Europese antisemitisme – nergens in Europa worden moslims of andere religieuze groeperingen zo slecht behandeld.

Wie Jezus Christus, ofwel Isa ibn Marayam, beledigt, beledigt niet alleen het christendom, maar ook een van de belangrijkste profeten van de islam. Daarentegen staat het christenen vrij Mohammed belachelijk te maken, want Mohammed betekent voor het christendom niets.

Veel aanklachten tegen hypocrisie en meten met twee maten die losbarstten in de dagen na het drama rond Charlie Hebdo waren terecht en het is zonder meer goed dat die zijn geuit. Toch staat als een paal boven water dat er op het gebied van vrijheid van meningsuiting een grote kloof gaapt tussen de westerse en islamitische wereld. Waar het de godsdienst betreft is die kloof zelfs enorm.

Ook in het Midden-Oosten bestaat satire, en ook die richt haar pijlen soms op bepaalde gelovigen – salafisten, ISIS – maar het geloof zelf is onaantastbaar. Wie religie zelf openlijk ter discussie stelt, doet dat op eigen risico. Op afvalligheid en het bekritiseren van de profeet staan in veel islamitische landen zeer zware straffen.

Zeker, Charlie Hebdo zou in sommige westerse landen, zoals de Verenigde Staten, niet kunnen bestaan. Maar een Charlie Hebdo in een islamitisch land is volkomen ondenkbaar. Het satirische weekblad ridiculiseert instituten, en dus ook geïnstitutionaliseerde religie, en is daarmee een boegbeeld van secularisme.

Secularisme zelf mag natuurlijk ook voorwerp zijn van satire, maar het is veelzeggend dat het zich daar kennelijk minder voor leent dan religie. Waarschijnlijk is dat zo omdat het minder irrationeel is. Je zou daaruit kunnen afleiden dat satire – werkelijke satire en niet de satire light die dictators zo grootmoedig zijn toe te staan – een product is van de nuchtere, kritische rede, ofwel van de Verlichting.

Het is bijna een platitude om te stellen dat de Verlichting aan de islamitische wereld voorbij is gegaan, maar dat er ergens een boot is gemist is iets wat vrij veel moslims zelf onderkennen. Om generaal Hamid Gul te citeren: “Als deze politicus (Wilders, CS) stelt, dat er in veel islamitische landen grote misstanden bestaan, moet ik dat beamen.” Guls oplossing is echter ‘niet minder, maar méér islam’, en daarmee ontpopt hij zich, althans in mijn ogen, tot een valse profeet.

Ondanks dat, ondanks het feit dat publicaties als Charlie Hebdo kostbare verworvenheden van het westers secularisme zijn, is het blad na aanvankelijke solidariteitsverklaringen onder vuur komen te liggen. Het zou islamofoob en racistisch zijn. Het zou de islam sowieso minder moeten ridiculiseren omdat moslims het als minderheid in Europa al moeilijk genoeg hebben. Charlie zou niet zo naar beneden en meer naar boven moeten trappen.

Minderheden zijn naar mijn mening echter niet geholpen met dergelijke neerbuigende blijken van solidariteit en medelijden. Moslims zijn niet alleen maar slachtoffers, die vrijgesteld zijn van een kritische blik op eigen cultuur en religie. Moslims zijn volwaardige burgers van wie hetzelfde mag worden verwacht als van andere burgers.

“Als deze politicus (Wilders, CS) stelt, dat er in veel islamitische landen grote misstanden bestaan, moet ik dat beamen”

‘Wat werkelijk racistisch is,” aldus auteur Kenan Malik, ‘is het idee dat alleen weldenkende blanken het geloof willen aanvallen, of religieuze pretenties willen afbreken, of satire op juiste waarde weten te schatten. Zij die beweren dat het racistisch of islamofoob is om de spot te drijven met de profeet Mohammed, schijnen net als racisten te denken dat alle mensen van islamitische komaf reactionair zijn. Op dit punt ontmoeten antiracistisch links en onverdraagzaam rechts elkaar.’

Stelt u zich eens het volgende voor: laagopgeleiden en werklozen zijn oververtegenwoordigd in het electoraat van de PVV. Dat zijn mensen die het moeilijk hebben, die aan de onderkant van de samenleving leven, die weinig kansen hebben. Maak je het die mensen dan niet nóg moeilijker door alles wat hun dierbaar is te bekritiseren, zoals provincialisme, vaderlandse trots, afkeer van buitenlandse invloeden? Mijn antwoord daarop is in ieder geval nee. Je moet hun grieven serieus nemen, maar wanneer je het niet eens bent met hun opvattingen. hoef je dat niet onder stoelen of banken te steken.

‘Zij die beweren dat het racistisch of islamofoob is om de spot te drijven met de profeet Mohammed, schijnen net als racisten te denken dat alle mensen van islamitische komaf reactionair zijn. Op dit punt ontmoeten antiracistisch links en onverdraagzaam rechts elkaar.’

Vrijwel alle verwijten aan Charlie Hebdo zijn onterecht, of je de satire van het blad nu leuk en effectief vindt of niet. Dit is grotendeels toe te schrijven aan een gebrekkig begrip van de Franse taal en van de Franse politieke context, veronachtzaming van wat er speelde op het moment dat sommige cartoons werden uitgebracht, en volstrekte onbekendheid met de Franse traditie op het gebied van satire.

Om met het laatste te beginnen: Frankrijk is geen puriteins land, het is een land met een roerige geschiedenis waar niet wordt gepolderd of gesust of zielig wordt gedaan vanwege gekwetste gevoelens, en waar maatschappelijke verhoudingen doorgaans een explosief karakter hebben. Charlie Hebdo staat in een traditie van anti-kerkelijkheid die haar wortels heeft in de Franse Revolutie.

Of zoals de Britse journalist Leigh Phillips schrijft: ”Een soort militant secularisme dat zijn pijlen richt op priesters, monniken, nonnen, bisschoppen, pausen, rabbijnen, en sinds kort imams en moellahs. Behalve als vertegenwoordigers van een religie, worden ze aangepakt als individuen, als opgeblazen hypocrieten die een moraal prediken waaraan ze zich zelf niet houden.”

Die anti-kerkelijkheid heeft nooit echt bestaan in de protestante wereld, omdat het daar veel meer gaat om de persoonlijke relatie van het individu tot God en er van een kerkelijke hiërarchie nauwelijks sprake is.

Een nevenaspect, zo betoogt Leigh Phillips, is de humoristische stijl van het tijdschrift, die gouaille heet en opzettelijk wansmakelijk, brutaal en vaak obsceen is. Ze maakt sinds de 19de eeuw deel uit van de Parijs cultuur en heeft tot doel alles neer te sabelen dat zichzelf verheven en onaantastbaar acht.

Over veel cartoons van Charlie Hebdo bestaan buiten Frankrijk pijnlijke misverstanden. Neem de inmiddels beruchte afbeelding van een Franse vrouwelijke minister als apin. Het gaat hier om de in Frans Guyana geboren minister van Justitie Christiane Taubira. In 2013 prijkte zij op het facebook-account van Anne-Sophie Leclère, een kandidate voor het Front National, een partij die zich ook het ‘Rassemblement Bleu Marine’ noemt, naar haar leider, Marine Le Pen. Naast de beeltenis van de minister stond een foto van een jong aapje. De bijschriften: ’18 maanden oud’ (bij het aapje) en ‘nu’ (bij de foto van de minister).

Naast de foto’s nog de tekst: “Dit beeld zegt alles. Ik zie haar liever in een boom hangen dan in een regering zitten.”

De partij heeft overigens niet alleen een hekel aan de minister vanwege haar huidskleur, maar ook vanwege een door haar opgestelde wet die het homohuwelijk legaliseert.

Het is dit racisme dat de tekenaar Charb (Stéphane Charbonnier), een van de slachtoffers van de aanslag, aan de kaak wilde stellen. Dat is overduidelijk door de kop ‘Rassemblement Bleu Raciste’ (in plaats van ‘Rassemblement Bleu Marine’), door het lettertype dat hetzelfde is als de partij gebruikt, en door het rood-wit-blauwe logo van het Front National, linksonder. Taubira zelf heeft na de aanslag herhaaldelijk haar waardering uitgesproken voor Charlie Hebdo.

taubira

Een andere, inmiddels bekende spotprent waar onbezonnen racismebestrijders hun afschuw over hebben uitgesproken is die van zwangere seksslavinnen van Boko Haram, met als citaat: “Handen af van onze uitkeringen!” Dit zou een racistische zinspeling zijn op de islamitische ‘demografische dreiging’.

Wel, het ligt heel anders. Het afgelopen jaar is er in Frankrijk een verhit debat geweest over de vraag of illegalen recht hebben op bijstand. Het Front National wees op de vermeende praktijk dat vrouwen uit ontwikkelingslanden naar Frankrijk komen om er kinderen op de wereld te zetten, aangezien in Frankrijk geboren kinderen automatisch de Franse nationaliteit krijgen, en de moeders in dat geval in aanmerking komen voor een verblijfsvergunning en uitkering.

Zou een gevluchte zwangere seksslavin van Boko Haram dan ook geen verblijfsvergunning en uitkering mogen krijgen? De manier waarop ze worden afgebeeld is de manier waarop het Front National ze ziet en dat wordt nu juist gehekeld.

Toegegeven, de profeet Mohammed is nogal eens op onterende wijze geportretteerd. In zijn blote bips, bijvoorbeeld. Of erger nog: met zijn poepgat naar de lezer toegekeerd. Dat gaat wat ver. Maar niet alle Mohammed-prenten zijn beledigend. Zo is er een illustratie met de tekst: ‘Mahomet débordé par les intégristes’, waarbij de profeet zelf de handen voor de ogen slaat en roept: ‘C’est dur d’être aimé par des cons..’

Ofwel: ‘Mohammed over z’n toeren door de extremisten’, en: ‘Het valt niet mee als je door eikels wordt bemind.’ De boodschap van deze cartoon zou dus als volgt kunnen worden opgevat: Mohammed, ofwel de islam, wordt misbruikt door fanatici. Met andere woorden: Mohammed en de islam verdienen beter.

Charlie1

Charlie Hebdo is, kortom, een parel in de kroon van het antiracisme. Het blad wordt in die hoedanigheid ook geroemd door SOS Racisme, de grootste anti-racistische organisatie in Frankrijk. Enkele tekenaars hebben aan tal van campagnes tegen racisme meegedaan. De eerder genoemde Charb had een nauwe relatie met de anti-racistische organisatie MRAP.

Als bewijs dat Charlie Hebdo zelf niet zuiver op de graat is wordt ten slotte de ‘affaire Siné’ uit 2008 opgerakeld. Een ingewikkelde zaak maar het komt erop neer dat het blad de gelijknamige cartoonist ontsloeg omdat hij had geschreven dat Jean Sarkozy, zoon van de ex-president, zich tot het jodendom had bekeerd om hogerop te komen. Met andere woorden: de islam mag door het slijk worden gehaald, maar kom niet aan de joden, want dan vlieg je eruit.

Over de beslissing om Siné te ontslaan kun je lang en breed discussiëren, maar de tekenaar gebruikte wel een antisemitisch vooroordeel, en dat is iets anders dan een godsdienst belachelijk maken.

Het judaïsme, orthodoxe joden, en het optreden van Israël zijn veelvuldig door de modder gehaald, en hetzelfde geldt voor de reactionaire opvattingen van de katholieke kerk en de figuur van Jezus.

Racistisch wordt het echter pas wanneer, bijvoorbeeld, gesuggereerd wordt dat een bekende moslim een terrorist is. Bij mijn weten heeft Charlie Hebdo zich nooit aan iets dergelijks bezondigd, en eerlijk gezegd zou ik me dat ook niet goed kunnen voorstellen.

Een laatste aspect waar de Charlie-bashers zich aan storen zijn het portretteren van niet-westerlingen met een donkere huid en dikke lippen en de voortdurende en uitsluitende associatie van de islam met seks en geweld. Wie een donkere huid en dikke lippen als beledigend opvat, mag zich eens afvragen wat hij eigenlijk tegen een donkere huid en dikke lippen heeft. En dat islam, christendom en judaïsme ieder op andere manieren worden aangevallen komt natuurlijk omdat deze religies, naast alle overeenkomsten, ook fundamentele verschillen vertonen.

Satire kan grof zijn maar is niet lukraak. Christus als seksueel actief en gewelddadig afschilderen heeft geen zin, want Christus had geen bruiden, deed dus niet aan seks, en was evenmin een militair leider. Christus stierf aan het kruis om de mensheid te bevrijden van haar zonden en gaf daarmee gestalte aan het discutabele morele ideaal van de zelfopoffering. In die hoedanigheid is hij vaak in Charlie Hebdo belachelijk gemaakt en dieper kun je een gelovig christen niet treffen.

De vraag is wat hier uiteindelijk op het spel staat: de vrijheid van meningsuiting, de godsdienstvrijheid, of iets anders?

Charlie Hebdo is al met al een noodlijdend blaadje met een kleine oplage. Misschien dat moslim-extremisten zich werkelijk ontzettend stoorden aan wat erin stond. Maar voor hetzelfde geld hadden ze een ander doelwit gekozen, dat niet met vrijheid van meningsuiting te maken heeft.

Het gaat hier, naar mijn idee, om twee partijen die de confrontatie met elkaar zoeken. Beide partijen kunnen worden gekenschetst als extreem rechts: enerzijds de op xenofobie, rancune en onwetendheid terende groeperingen als het Front National, anderzijds islamofacistische netwerken als al-Qaida en ISIS.

Het beste scenario is dat een ruime meerderheid van de bevolking zich van beide ongeluksboden resoluut afkeert: van de islamofoben en de radicale islamisten. Dat er niet wordt gedacht dat er een keuze tussen de twee moet worden gemaakt, want er zit enorm veel tussen. Het is zaak dat Europa niet afglijdt naar een klimaat van intolerantie en onvrijheid, want dat is waar islamofoben en radicale islamisten allebei voor staan.

Anderzijds is het van groot belang dat de islamitische wereld de intolerantie en onvrijheid waarin ze al zo lang gevangen zit, te boven komt. Makkelijker gezegd dan gedaan, maar elk ander scenario zal in Europa vroeg of laat leiden tot een drama dat mogelijk niet onderdoet voor de bestorming van de Rode Moskee in Islamabad – of het zelfs overtreft.
En dan hebben we het niet eens gehad over de nog veel grotere ellende die voor de islamitische wereld in het verschiet ligt.

Reacties

Vrijheid van meningsuiting is vaak strontvervelend en bestaat dus niet op deze website. Reacties zijn welkom, maar worden door mij gewogen. Ik zie veel door de vingers, maar niet alles. Scheldpartijen worden sowieso geweerd. Seksisme en racisme uiteraard ook.




* Verplicht, email adres wordt niet gepubliceerd